Product: 
ccc6

De SafetyNet-optimalisatie van CCC begint standaard met een limiet van 25 GB beschikbare ruimte op het doel bij het begin van elke reservekopietaak. CCC verhoogt die limiet automatisch naargelang dat nodig is. Als u niet de standaardinstellingen van CCC voor SafetyNet gebruikt en de fout “Doel is vol” ziet, moet u in de Geavanceerde instellingen wellicht een soepelere optimalisatielimiet instellen. De vereiste vrije ruimte op het doel hangt af van de hoeveelheid gegevens die sinds de laatste reservekopie is gewijzigd. Over het algemeen hebt u aan het begin van de reservekopietaak (d.w.z. direct nadat de optimalisatie is voltooid) zo veel ruimte nodig als er doorgaans tijdens een reservekopietaak wordt gekopieerd. Dus als CCC doorgaans 9 GB aan gegevens kopieert, met af een toe een uitschieter naar 14 GB, dat dient u bij het instellen van de optimalisatie rekening te houden met die maximale waarde (d.w.z. minstens 15 GB aan vrije ruimte over te houden). Vooral als u geregeld grote bestanden bewerkt, kan de nominale hoeveelheid gekopieerde gegevens elke keer behoorlijk groot zijn. Als u bijvoorbeeld elke dag een virtuele Windows-container van 80 GB gebruikt, dan is de nominale hoeveelheid gegevens die tijdens uw dagelijkse reservekopietaak wordt gekopieerd ten minste 80 GB. U zult uw optimalisatie-instellingen daar dus op moeten afstemmen.

Om de CCC-instellingen voor SafetyNet-optimalisatie te wijzigen, selecteert u uw taak in het hoofdvenster van CCC en doet u het volgende:

  1. Klik op de knop Geavanceerde instellingen.
  2. Pas de instelling Optimaliseer SafetyNet om aan te geven hoe CCC de SafetyNet-map moet optimaliseren, bijvoorbeeld op basis van de beschikbare vrije ruimte op het doel, de leeftijd van de bestanden of de grootte van de bestanden.
  3. Geef een limiet op.
  4. Als u de optie voor het vrijmaken van ruimte hebt geselecteerd, moet u overwegen om het aankruisvak Pas automatisch aan in te schakelen zodat CCC deze waarde automatisch kan beheren voor u.
  5. Bewaar de wijzigingen van uw taak.

Als momentopnamen zijn ingeschakeld op het doelvolume, configureert u geen optimalisatie-instellingen per taak maar past u gewoon de instellingen in het Bewaarbeleid voor momentopnamen aan voor het volume. Klik op de doelkiezer en kies Beheer momentopnamen op {volumenaam} om die instellingen weer te geven.

Waarom geeft CCC aan dat het doel vol is, terwijl er voldoende ruimte lijkt te zijn voor nieuwere bestanden?

Om te voorkomen dat een goed reservekopiebestand wordt overschreven door een beschadigd bestand op de bron, gebruikt CCC een speciale procedure voor het kopiëren van bestanden, genaamd atomische kopie. Als een bestand is gewijzigd sinds de laatste reservekopie, wordt het naar het doel gekopieerd met een tijdelijke bestandsnaam, zoals .bestandsnaam.XXXXXX. Wanneer CCC klaar is met het kopiëren van het bestand, wordt de oudere versie op het doel verwijderd (of verplaatst naar SafetyNet), waarna CCC de naam van het bijgewerkte bestand verandert in de juiste bestandsnaam.

Omdat CCC deze speciale procedure gebruikt, moet het doelvolume ten minste voldoende vrije ruimte hebben voor het opslaan van alle gegevens die gekopieerd worden, plus genoeg ruimte voor het opslaan van een tijdelijke kopie van het grootste bestand op het bronvolume. Als u vaak erg grote bestanden bewerkt, zoals films, schijfkopieën of containers van virtuele machines, dan dient u een reservekopievolume te kiezen dat aanzienlijk meer ruimte heeft dan door uw bronvolume gebruikt wordt, om te voorkomen dat de ruimte opraakt tijdens de reservekopietaak. Bovendien moet u de CCC-instellingen voor SafetyNet-optimalisatie zo configureren dat er ruimte is voor een tijdelijke kopie van het grootste bestand op het bronvolume.

Een mooi voorbeeld van dit dilemma

Laten we uitgaan van het volgende:

  • Een bronvolume van 500 GB
  • Een doelvolume van 500 GB
  • 450 GB gegevens op de bron
  • Het grootste bestand op de bron is 75 GB groot

Als het doel leeg is, is het heel eenvoudig: 450 GB gegevens passen makkelijk op een schijf met een capaciteit van 500 GB.

Maar laten we even kijken wat er gebeurt bij de volgende reservekopie. Neem aan dat er geen wijzigingen op de bron zijn doorgevoerd, behalve aan dat 75 GB grote bestand. Hoe wordt dat bestand dan gekopieerd naar het doel? Momenteel heeft het doel maar 50 GB vrije ruimte.

Optie A: ouderwets

  • Verwijder het 75 GB grote bestand van het doel
  • Kopieer het nieuwe bestand van 75 GB van de bron naar het doel

Optie B: atomisch

  • Kopieer het nieuwe bestand van 75 GB van de bron naar het doel
  • Verwijder het 75 GB grote bestand van het doel

Optie B is niet mogelijk in dit scenario. Maar optie A is niet slim. CCC gebruikt nooit optie A omdat er dan gewoon met uw gegevens wordt gegoocheld. Dit is ook niet theoretisch. We hebben verhalen gehoord van mensen die op deze manier gegevens hebben verloren met andere “reservekopiesoftware”.

CCC gebruikt de atomische kopieermethode. In plaats van een bestand te verwijderen dat wordt vervangen, en dan het vervangende bestand te kopiëren, kopieert CCC het vervangende bestand eerst naar het doel (met een tijdelijke bestandsnaam). Nadat het bestand is gekopieerd, zal CCC de oudere versie van het bestand verwijderen (of archiveren) en zal CCC vervolgens de naam van het tijdelijke bestand wijzigen in de juiste naam. Dit is vooral belangrijk voor het geval dat CCC zou ontdekken dat het bronbestand onleesbaar is wegens een mediafout. Met de kopieermethode van optie A zou u immers geen goede kopie van het bestand op het doel hebben en de beschadigde kopie op de bron overhouden. Het nadeel van de atomische kopieermethode is dat het doel voldoende vrije ruimte moet hebben voor de oude versie van het bestand en de vervangende versie van het bestand.

Als u zich ooit in deze situatie bevindt, hebt u enkele opties:

Ik heb SafetyNet uitgeschakeld. Hoe kan het doel dan te vol zijn?

Als u SafetyNet in CCC hebt uitgeschakeld, dan worden te verwijderen onderdelen verwijderd wanneer ze worden aangetroffen. CCC verwerkt de bestanden en mappen op uw bron- en doelvolume in alfabetische volgorde. Daardoor is het mogelijk dat CCC nieuwe bestanden naar het doel probeert te schrijven, voordat onderdelen worden verwijderd die van de bron zijn verwijderd. Als u grote wijzigingen hebt aangebracht in de indeling van uw bron (bijv. mappen hebt hernoemd en verplaatst of veel onderdelen hebt verwijderd en aangemaakt), wilt u wellicht de volgende stappen proberen om proactief ruimte op het doel vrij te maken:

  1. Als u er niet voor hebt gekozen om de SafetyNet-map op het doel te verwijderen wanneer u de SafetyNet-optie hebt uitgeschakeld, kiest u Verwijder een SafetyNet-map... in het menu Hulpprogramma’s. Sleep de map _CCC SafetyNet van de Finder naar het venster Verwijder een SafetyNet-map om die map te verwijderen.
  2. Klik op de knop ‘Geavanceerde instellingen’.
  3. Selecteer het tabblad Kopieerinstellingen.
  4. Schakel het aankruisvak Bescherm onderdelen op rootniveau op het doel uit.
  5. Klik op de knop Gereed
  6. Bewaar en start de reservekopietaak.

Gerelateerde documentatie